De delay bij de driver geeft je de mogelijkheid om aan te geven wat de fysieke offset is tussen de akoestische centra van de drivers. De ene driver is qua conus/membraan anders geconstrueerd. Een 6.5" woofer (bijvoorbeeld) heeft vaan een kelk-vormige conus, terwijl een dome een koepel heeft die voor de faceplate ligt. Dit betekent dus dat de geluidsgolf van de ene driver voor ligt op de andere driver. Hij vertrekt feitelijk 'eerder'. Dat kun je compenseren (in je metingen en simulaties) met de delay.
Dit is dan weer belangrijk om de fases zo dicht mogelijk bij elkaar te krijgen.
Wat je nu doet is (volgens mij) een beetje 'vals spelen'. Je past de delay aan zodat je de beste helling krijgt, maar de vraag is of dit in de praktijk ook zo is. De fysieke offset wijzigt natuurlijk niet, dat is in de constructie een vast gegeven.
Je moet dus eerst bepalen wat het relatieve verschil in 'vertrektijd' is van de drivers, en daarvoor compenseren in VituixCAD, en dan je filter zo ontwerpen dat de fases zoveel mogelijk op elkaar liggen én een zo vlak mogelijke response geven (of de gewenste response).
Dit is een cruciale stap bij het ontwerpen en maken van scheidingsfilters. Met VituixCAD kom je een heel eind in de richting. Het laatste stukje doe je meestal op gehoor.
Groet,
Satefan
