TL's nader bekeken
Moderator: Beheerdersteam
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Om de responsie van een TL te berekenen moeten we het vervangingsschema uitbreiden met een gedempte pijp. Dat ziet er dan zo uit:
De pijp is hopelijk herkenbaar. De ingangsimpedantie van de pijp is hier aangegeven met Zat, de pijp is aan de mondopening belast zoals eerder besproken met Zal. Die Zat is nu vrij strak gekoppeld aan de achterzijde van de conus, alleen de kastcompliantie Cb functioneert nog als shunt. De fluctuaties in Zat werken nu direct in op de conus, en kunnen dus in principe de responsie van de driver beïnvloeden. Deze fluctuerende druk op Cb dient ook als ingangssignaal voor de pjjp.
Het is dus van belang Zat te bepalen. Daarvoor bestaat een keurige formule, die behalve de lengte van de pijp, ook Zal en Zc bevat. Die Zc de " karakteristieke impedantie" , is de verhouding tussen de druk en de deeltjessnelheid in de pijp, en bij een pijp met dempende vulling, dus ook een materiaaleigenschap van de vulling. Behalve Zc komen we ook nog een voortplantingsexponent (gamma) tegen. Zc wordt berekend uit de parallel schakeling van de stromingsweerstand Rf en een aantal zeer specifieke materiaaleigenschappen. De stromingsweerstand kan worden berekend met een van de " bekende" modellen. zoals die van Pelegrinis ( gebaseerd op capillaire werking van de ruimte tussen de vezels) of Tarnov (gebaseerd op sleepkracht op de vezels). Je moet dan wel precies weten wat de gemiddelde diameter van de vezels, hun pakkingsdichtheid en nog zo wat is. De eerder genoemde specifieke materiaaleigenschappen gaan over de massa, compliantie en wrijvingsweerstand van de vezels, over wel of niet bewegen van de vezels, en de mate van koppeling van de vezels aan de wand en aan elkaar. Je voelt het al, hier maakt een eenvoudige luidsprekerbouwer geen schijn van kans. En eigenlijk willen we die Zat toch wel kennen...
Het proefschrift van Robinson bevat het meeste van deze narigheid, maar uiteindelijk komt hij in de ontwerpfase er ook niet uit, en gaat een vereenvoudigd model matchen met metingen van de impedantie van de driver. Iets dergelijks doet Martin J King ook, en dat zijn dan ook de beste ontwerpadviezen. Robinson werkt met een bepaald soort glasvezel, King met polyester vezel. Die moeten dan wel beschikbaar zijn. Voor wie zelf wil experimenteren zal het wel neerkomen op een soort "koken" een beetje van dit en een beetje van dat, tot het goed klinkt. Het sombere beeld dat Pjotr al schetste.
Misschien zijn er toch nog een par algemene raadgevingen te destilleren?
Het is dus van belang Zat te bepalen. Daarvoor bestaat een keurige formule, die behalve de lengte van de pijp, ook Zal en Zc bevat. Die Zc de " karakteristieke impedantie" , is de verhouding tussen de druk en de deeltjessnelheid in de pijp, en bij een pijp met dempende vulling, dus ook een materiaaleigenschap van de vulling. Behalve Zc komen we ook nog een voortplantingsexponent (gamma) tegen. Zc wordt berekend uit de parallel schakeling van de stromingsweerstand Rf en een aantal zeer specifieke materiaaleigenschappen. De stromingsweerstand kan worden berekend met een van de " bekende" modellen. zoals die van Pelegrinis ( gebaseerd op capillaire werking van de ruimte tussen de vezels) of Tarnov (gebaseerd op sleepkracht op de vezels). Je moet dan wel precies weten wat de gemiddelde diameter van de vezels, hun pakkingsdichtheid en nog zo wat is. De eerder genoemde specifieke materiaaleigenschappen gaan over de massa, compliantie en wrijvingsweerstand van de vezels, over wel of niet bewegen van de vezels, en de mate van koppeling van de vezels aan de wand en aan elkaar. Je voelt het al, hier maakt een eenvoudige luidsprekerbouwer geen schijn van kans. En eigenlijk willen we die Zat toch wel kennen...
Het proefschrift van Robinson bevat het meeste van deze narigheid, maar uiteindelijk komt hij in de ontwerpfase er ook niet uit, en gaat een vereenvoudigd model matchen met metingen van de impedantie van de driver. Iets dergelijks doet Martin J King ook, en dat zijn dan ook de beste ontwerpadviezen. Robinson werkt met een bepaald soort glasvezel, King met polyester vezel. Die moeten dan wel beschikbaar zijn. Voor wie zelf wil experimenteren zal het wel neerkomen op een soort "koken" een beetje van dit en een beetje van dat, tot het goed klinkt. Het sombere beeld dat Pjotr al schetste.
Misschien zijn er toch nog een par algemene raadgevingen te destilleren?
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Inventor:
De stralingsimpedantie van een stralende opening aan het einde van een pijp is ooit door Levine & Schwinger berekend. Een dergelijke impedantie " ziet" de pijp als hij vrij kan stralen. Luidspreker conussen hebben ook zo'n stralingsimpedantie, die zie je heel vaak in teksten over luidsprekers. De van L & S niet, en dat komt omdat de uitkomst een naargeestige integraal is. Daarom stelde ik dat de formele formule onhanteerbaar is. Daarom zal het in de luidsprekerwereld gangbaar geworden zijn om liever een eenvoudig RLC netwerkje te gebruiken, zoals ik ook heb aangegeven.
De stralingsimpedantie van een stralende opening aan het einde van een pijp is ooit door Levine & Schwinger berekend. Een dergelijke impedantie " ziet" de pijp als hij vrij kan stralen. Luidspreker conussen hebben ook zo'n stralingsimpedantie, die zie je heel vaak in teksten over luidsprekers. De van L & S niet, en dat komt omdat de uitkomst een naargeestige integraal is. Daarom stelde ik dat de formele formule onhanteerbaar is. Daarom zal het in de luidsprekerwereld gangbaar geworden zijn om liever een eenvoudig RLC netwerkje te gebruiken, zoals ik ook heb aangegeven.
-
wouter
- Ook commercieel actief
- Berichten: 9198
- Lid geworden op: vr 10 aug 2007, 16:39
- Locatie: Lelystad
Re: TL's nader bekeken
Nou... in al dit theoretische geweld ga ik hierop wel aanTom Magchielse schreef: ↑vr 04 jul 2025, 22:11Misschien zijn er toch nog een paar algemene raadgevingen te destilleren?
Ik heb werkelijk geen begin van besef waar het inmiddels over gaat, en ik bouw hobbymatig al tig jaar TL speakers.
Overweg kunnen met Ajhorn en een zaagtafel en wat ervaring hoe een simulatie zich laat vouwen waardoor vrijwel elke keer de meting overeenkomt met de simulatie, dat is het enige wat ik begrijp. En dat lukt op zich prima, al zou ik het beter willen doorgronden.
Echter, zo diep als het zich op papier laat onderzoeken en verklaren hoeft het van mij niet te gaan. Het moet vooral in het voordeel werken van het laag. Maar nu het toch richting zo goed mogelijk verklaren gaat... wat is er dan te zeggen van mijn 'splitted TL'?
viewtopic.php?p=1705477#p1705477
Dat werd ook gezien als zeer lange pijp van ca 4 meter met in het midden de woofer. Toch gedroeg het zich als 2 TL-pijpen met de driver op verschillende posities...
Re: TL's nader bekeken
Het kan toch op zich best wel een leuke uitdaging/sport/hobby zijn om die theorie diepgaand uit te spitten Wouter? Ieder zo zijn pleziertjes op zijn manier. Maar je hebt wel een punt, het is wel erg complex. Neem b.v. het gegeven dat de 1/4 λ buik even voorbij de mond van de lijn zelf ligt en niet in het vlak van de mond. Daardoor is de lijn akoestisch langer dan op grond van fysiek lengte en geluidssnelheid. Alle dempingsmateriaal nog daargelaten. Ga het maar modelleren...
-
wouter
- Ook commercieel actief
- Berichten: 9198
- Lid geworden op: vr 10 aug 2007, 16:39
- Locatie: Lelystad
Re: TL's nader bekeken
Zeker Pjotr, ik sta versteld van hoeveel complexer een TL is dan andere kastprincipes en hoeveel meer ik lees hoe meer ik eigenlijk niet begrijp waarom het toch zo vaak met een eenvoudige aanpak goed gegaan is 
De problemen van een TL zitten hem voor mij echter niet in het laag, het is vooral het middengebied waar zowel de kleuring als ook de magie kan zitten. Een TL 2-weg kan erg smooth klinken. Een goed voorbeeld blijft voor mij de Visaton VIB130TL. De AL130 klinkt als open baffle pas echt goed, maar als TL heeft het wel een heel warme sound. Komt dit dan doordat het laag & midden door dezelfde unit wordt weergegeven en het kastprincipe niet zocht voor een overgang van '2-systemen'? Het laag van een midwoofer is heeft gevoelsmatig een grote interactie met de kast, en hoe groter dit is hoe meer het richting het midden dan 'verandert'. Ik weet niet eens of ik vind dat dit klopt, maar nu ik hardop denk zit daar misschien voor mij wel de uitdaging.
Een breedbander is een typisch voorbeeld, de kast moet ondersteunen maar wel op z'n manier dat het bijdraagt aan een homogeen geheel. Je offert soms het laag op, voor een meer 'completere' geluidsbeleving. Te laag afstemmen werkt soms bijvoorbeeld niet, en in andere situaties is een kast wellicht juist te groot en te laag afgestemd maar dat past soms beter in het totale plaatje.
Hoe is dit voor TL , en richt Tom zich puur op de laagweergave of meer op de akoestische 'belasting' van de dynamische weergever als geheel? Ik vind het interessant, maar kan het al lang niet meer volgen. Hoe meer ik weet, hoe meer ik weet dat ik vrijwel niets weet
De problemen van een TL zitten hem voor mij echter niet in het laag, het is vooral het middengebied waar zowel de kleuring als ook de magie kan zitten. Een TL 2-weg kan erg smooth klinken. Een goed voorbeeld blijft voor mij de Visaton VIB130TL. De AL130 klinkt als open baffle pas echt goed, maar als TL heeft het wel een heel warme sound. Komt dit dan doordat het laag & midden door dezelfde unit wordt weergegeven en het kastprincipe niet zocht voor een overgang van '2-systemen'? Het laag van een midwoofer is heeft gevoelsmatig een grote interactie met de kast, en hoe groter dit is hoe meer het richting het midden dan 'verandert'. Ik weet niet eens of ik vind dat dit klopt, maar nu ik hardop denk zit daar misschien voor mij wel de uitdaging.
Een breedbander is een typisch voorbeeld, de kast moet ondersteunen maar wel op z'n manier dat het bijdraagt aan een homogeen geheel. Je offert soms het laag op, voor een meer 'completere' geluidsbeleving. Te laag afstemmen werkt soms bijvoorbeeld niet, en in andere situaties is een kast wellicht juist te groot en te laag afgestemd maar dat past soms beter in het totale plaatje.
Hoe is dit voor TL , en richt Tom zich puur op de laagweergave of meer op de akoestische 'belasting' van de dynamische weergever als geheel? Ik vind het interessant, maar kan het al lang niet meer volgen. Hoe meer ik weet, hoe meer ik weet dat ik vrijwel niets weet
Re: TL's nader bekeken
Tja, las ooit ergens: "Maak die TL nou gewoon 1/4 λ. De rest is vallen en opstaan en ervaring". AJH, MK en HR ten spijt komt het daar meestal toch op neer. Ik denk zelf dat een gesloten model een utopie blijft en je het meer moet zoeken in FEM-achtige simulaties. Ik vind zelf trouwens dat je een TL alleen voor het laag moet inzetten en niet moet lastig gaan vallen met het middengebied. Dat blijft suboptimaal en een compromis.
-
wouter
- Ook commercieel actief
- Berichten: 9198
- Lid geworden op: vr 10 aug 2007, 16:39
- Locatie: Lelystad
Re: TL's nader bekeken
Dat laatste kan ik bevestigen, echter ik krijg met een TL soms wel het idee dat het totale geluidsbeeld 'losser' is bij een 2-weg.
Ik heb een setje 6,5" Purifi woofers, tijd om dat deze zomer eens een setje TL speakers mee te bouwen en dan is er (inmiddels) genoeg vergelijk met de passieve membraan varianten. Zeker 1 PR achterop is iets wat er bij mij nooit in gaat...
Maar goed, met de komst van Ajhorn heb ik heel goed functionerende TL ontwerpen gemaakt die met de standaard vuistregeltjes niet te bedenken waren. Voor mij is de software dus datgene wat een TL ontwerpen een boost heeft gegeven, een daarbij ben ik niet geinteresseerd in de al dan niet onjuiste aannames van de software ontwikkelaar t.a.v. TL modellen. Als de praktijk overeenkomt met de simulatie ben ik tevreden. De woonkamer gooit toch meer overhoop dan me lief is, ik ontwerp voor de fun en de gedachte dat ik een optimum uit de kast+driver haal.
Neemt niet weg dat ik probeer te begrijpen wat er allemaal te leren is over TL.
Edit: T+A heeft een TL-constructie die niet eens meer lijkt op de vuistregelprincipes (na 2 sec te zien):
Ik heb een setje 6,5" Purifi woofers, tijd om dat deze zomer eens een setje TL speakers mee te bouwen en dan is er (inmiddels) genoeg vergelijk met de passieve membraan varianten. Zeker 1 PR achterop is iets wat er bij mij nooit in gaat...
Maar goed, met de komst van Ajhorn heb ik heel goed functionerende TL ontwerpen gemaakt die met de standaard vuistregeltjes niet te bedenken waren. Voor mij is de software dus datgene wat een TL ontwerpen een boost heeft gegeven, een daarbij ben ik niet geinteresseerd in de al dan niet onjuiste aannames van de software ontwikkelaar t.a.v. TL modellen. Als de praktijk overeenkomt met de simulatie ben ik tevreden. De woonkamer gooit toch meer overhoop dan me lief is, ik ontwerp voor de fun en de gedachte dat ik een optimum uit de kast+driver haal.
Neemt niet weg dat ik probeer te begrijpen wat er allemaal te leren is over TL.
Edit: T+A heeft een TL-constructie die niet eens meer lijkt op de vuistregelprincipes (na 2 sec te zien):
Re: TL's nader bekeken
2 of 3 drivers maakt nogal wat uit in de onderlinge afstemming en filtering. 1 driver minder (van 3 naar 2) reduceert de complexiteit behoorlijk natuurlijk.
-
wouter
- Ook commercieel actief
- Berichten: 9198
- Lid geworden op: vr 10 aug 2007, 16:39
- Locatie: Lelystad
Re: TL's nader bekeken
ik doel op het effect van een 2-weg in een TL versus 2-weg BR. Dat heb ik wel eens vergeleken toen ik een setje AL170 in basreflex had gebouwd in opdracht naast mijn eigen versie in TL. Ik meende daarom me ook te herkennen in het verslag van de Optimo, waarin gesteld werd dat het middengebied erop vooruit ging en leek te klinken als een slappe orde filtering.
https://www.humblehomemadehifi.com/down ... Optimo.pdf
https://www.humblehomemadehifi.com/down ... Optimo.pdf
Re: TL's nader bekeken
Nou is die Optimo helemaal een voorbeeld van trial and error
Maar je hebt wel een punt wat ik herken: Met slappe filters integreren beide gebieden veel fraaier. Maar dan moet de overlap van beide wel voldoende groot zijn zonder afwijkingen. Kwam daar laatst tot mijn positieve verrassing ook weer achter toen ik tweet 2e orde filterde en de mid 1e orde. Was op 3 kHz. Tweet had een Fs van 650Hz en de mid een breedbander tot over de 20kHz. Bij een TL heb je dat vanzelf eigenlijk ook: Voor en achterkant van dezelfde speaker.
Re: TL's nader bekeken
Helder!wouter schreef: ↑za 05 jul 2025, 14:58ik doel op het effect van een 2-weg in een TL versus 2-weg BR. Dat heb ik wel eens vergeleken toen ik een setje AL170 in basreflex had gebouwd in opdracht naast mijn eigen versie in TL. Ik meende daarom me ook te herkennen in het verslag van de Optimo, waarin gesteld werd dat het middengebied erop vooruit ging en leek te klinken als een slappe orde filtering.
https://www.humblehomemadehifi.com/down ... Optimo.pdf
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Tegenwoordig schijnt de TL vooral te worden gewaardeerd om zijn laagweergave, maar het oorspronkelijke idee van Bailey had vooral betrekking op de neutrale middentoon weergave. De met demping gevulde buis achter de driver moest de straling van de achterzijde van de conus smoren, zodat er geen interactie tussen kast en driver hoorbaar zou zijn. Om te bewijzen dat dat gelukt was gebruikte Bailey de knal van een ontploffende draad als bronsignaal. Over het spectrum van zo'n knal vertelt hij niets, dus misschien was er wel te weinig laagenergie in die knal om de hinderlijkste kasteffecten zichtbaar te maken. Waar hij ook niets over zei was de lage-tonen weergave, niet waardoor die bepaald werd en niet hoe die geoptimaliseerd kon worden.
De geïdealiseerde TL van Bailey (met flink wat dempingsmateriaal) heeft een ingangsimpedantie ( de impedantie die de driver ziet) die reëel is. (Zie vorige bijdragen). De resonantiefrequentie van de driver neemt dus niet toe door montage in de TL, net zo min als de Q-factor van de driver. Afgezien van de klankbord afmetingen werkt het geheel dus als een " infinite baffle" met een flink gedempte driver. Zou dat de laagweergave veroorzaken die door velen gewaardeerd wordt?
-Wie op internet kijkt welke commerciële TL's op de markt verschenen zijn, zal misschien opmerken dat op vele van de afbeeldingen daarvan een vulling zichtbaar is met iets wat op tandenschuim lijkt, en niet op vezelmateriaal. Op zich is dat verklaarbaar; platen schuim zijn veel gemakkelijker en reproduceerbaarder te verwerken. Wat zouden de akoestische eigenschappen van dat materiaal zijn, en zou dat bijvoorbeeld de demping in het onderste octaaf laag hebben gehouden, waardoor die ontwerpen in de impedantie vaak de karakteristieke " dubbele BR-bult" vertonen? Wie het weet mag het zeggen.
De geïdealiseerde TL van Bailey (met flink wat dempingsmateriaal) heeft een ingangsimpedantie ( de impedantie die de driver ziet) die reëel is. (Zie vorige bijdragen). De resonantiefrequentie van de driver neemt dus niet toe door montage in de TL, net zo min als de Q-factor van de driver. Afgezien van de klankbord afmetingen werkt het geheel dus als een " infinite baffle" met een flink gedempte driver. Zou dat de laagweergave veroorzaken die door velen gewaardeerd wordt?
-Wie op internet kijkt welke commerciële TL's op de markt verschenen zijn, zal misschien opmerken dat op vele van de afbeeldingen daarvan een vulling zichtbaar is met iets wat op tandenschuim lijkt, en niet op vezelmateriaal. Op zich is dat verklaarbaar; platen schuim zijn veel gemakkelijker en reproduceerbaarder te verwerken. Wat zouden de akoestische eigenschappen van dat materiaal zijn, en zou dat bijvoorbeeld de demping in het onderste octaaf laag hebben gehouden, waardoor die ontwerpen in de impedantie vaak de karakteristieke " dubbele BR-bult" vertonen? Wie het weet mag het zeggen.
Re: TL's nader bekeken
Ontwerper van de IMF transmissielijnluidsprekers, Irving M. Fried, heeft een artikel geschreven, wat hier geloof ik nog niet genoemd is. Je kunt het vinden met deze link op de website van AudioScienceReview: I.M. Fried - The virtuous transmission line
Hij benoemt verschillende aspecten die in het hier gevoerde gesprek bestudeerd worden, onder meer:
* subsone resonantie
* aanwezigheid van 1 of 2 pieken (afhankelijk van demping) in de impedantie-respons
* verbeterde laagweergave - gerelateerd aan stralingsoppervlak
* verbeterde middentoonweergave - gerelateerd aan voorkomen van ongewenste reflecties
Het artikel is compact; ik kan het niet samenvatten. Het leest vlot, dus lees het maar gewoon
Hij benoemt verschillende aspecten die in het hier gevoerde gesprek bestudeerd worden, onder meer:
* subsone resonantie
* aanwezigheid van 1 of 2 pieken (afhankelijk van demping) in de impedantie-respons
* verbeterde laagweergave - gerelateerd aan stralingsoppervlak
* verbeterde middentoonweergave - gerelateerd aan voorkomen van ongewenste reflecties
Het artikel is compact; ik kan het niet samenvatten. Het leest vlot, dus lees het maar gewoon
Re: TL's nader bekeken
Dit zou de correcte link moeten zijn: https://www.audiosciencereview.com/foru ... pdf.254995
Edit: De PDF is niet van al te beste kwaliteit.
Edit: De PDF is niet van al te beste kwaliteit.
Laatst gewijzigd door satefan op do 10 jul 2025, 20:51, 1 keer totaal gewijzigd.
Re: TL's nader bekeken
Het hele concept heeft de bekende naam 'transmissielijn' maar ik ben het met Tom eens dat dit eigenlijk niet helemaal recht doet. Immers, alleen in het middentoonbereik werkt de pijp als transmissielijn. Hoe we het concept dan wel correct kunnen benoemen, blijft een goeie vraag, vind ik. Moeten we het maar simpelweg een (lange) pijp noemen? Er wordt ook wel eens 'labyrinth' gezegd; dat klinkt alsof 't een puzzel is, maar 't is eigenlijk simpelweg een gevouwen pijp, toch?
Hoe dan ook, ikzelf conceptualiseer het simpelweg als een opgevouwen/dichtgevouwen klankbord. In mijn ontwerpgedachten is het toepassen van een pijp-achtige constructie achter de luidspreker enkel bedoeld ter voorkoming van akoestische kortsluiting.
Vaak wordt een TL geadverteerd met haar werking als resonator (het 'orgelpijp' werkingsprincipe) maar daar moet ikzelf niks van hebben. We willen toch juist een weergever bouwen die GEEN ENKELE eigenmodus heeft? Iedere eigenmodus is m.i. ongewenst. Iedere resonantie zorgt voor akoestische energie-uitsmering en informatie-uitsmering over tijd. Zeer ongunstig, toch? Bovendien zorgt resonantie voor pieken in de frequentierespons. Dus ik construeer een weergever graag resonantie-loos. Ik gebruik weliswaar de "1/4 Fs vuistregel", omdat die vuistregel eenvoudigweg aangeeft welke minimale pijplengte benodigd is om akoestische kortsluiting te voorkomen - NIET omdat de pijp met die lengte zo lekker gaat resoneren op frequentie Fs.
Ik besef trouwens heus wel dat een simpele pijp ALTIJD een eigenmodus heeft (en allerlei boventoon-resonanties bovendien). Een simpele pijp werkt dus niet zonder meer. In het gerefereerde artikel geeft I.M.Fried een voorzet voor een 'oplossing': hij geeft aan dat een goed geconstrueerde transmissielijn de eigenmodus naar lagere toonhoogtes verlegt, naar het subsone gebied. Maar dat vind ik een onvoldoende goede oplossing - het lijkt me meer een ontduiking van het probleem).
Vr. gr.,
Pieter
Hoe dan ook, ikzelf conceptualiseer het simpelweg als een opgevouwen/dichtgevouwen klankbord. In mijn ontwerpgedachten is het toepassen van een pijp-achtige constructie achter de luidspreker enkel bedoeld ter voorkoming van akoestische kortsluiting.
Vaak wordt een TL geadverteerd met haar werking als resonator (het 'orgelpijp' werkingsprincipe) maar daar moet ikzelf niks van hebben. We willen toch juist een weergever bouwen die GEEN ENKELE eigenmodus heeft? Iedere eigenmodus is m.i. ongewenst. Iedere resonantie zorgt voor akoestische energie-uitsmering en informatie-uitsmering over tijd. Zeer ongunstig, toch? Bovendien zorgt resonantie voor pieken in de frequentierespons. Dus ik construeer een weergever graag resonantie-loos. Ik gebruik weliswaar de "1/4 Fs vuistregel", omdat die vuistregel eenvoudigweg aangeeft welke minimale pijplengte benodigd is om akoestische kortsluiting te voorkomen - NIET omdat de pijp met die lengte zo lekker gaat resoneren op frequentie Fs.
Ik besef trouwens heus wel dat een simpele pijp ALTIJD een eigenmodus heeft (en allerlei boventoon-resonanties bovendien). Een simpele pijp werkt dus niet zonder meer. In het gerefereerde artikel geeft I.M.Fried een voorzet voor een 'oplossing': hij geeft aan dat een goed geconstrueerde transmissielijn de eigenmodus naar lagere toonhoogtes verlegt, naar het subsone gebied. Maar dat vind ik een onvoldoende goede oplossing - het lijkt me meer een ontduiking van het probleem).
Vr. gr.,
Pieter
Re: TL's nader bekeken
Met een TL kun je dankzij de 1/4 resonator toch een diep vlak laag uit hoge Q drivers halen, zelfs dieper dan de FS van de driver dacht ik…
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Hoewel Bailey niet ingaat op de speciale eigenschappen van longhair wool, behalve dat het de beste resultaten geeft, is er daarna toch wel een onderzoek geweest naar de eigenschappen van die wol, door Bradbury. Die vermeldt dat de vezels in wol zo licht zijn, dat die bij lage frequenties meebewegen met de geluidsgolven, zodat er dan geen relatieve beweging is, en dus ook geen wrijvingsverlies. Daarom zou de demping van deze wol in het laag veel geringer zijn dan die van dikkere, stuggere kunststof vezels, die volgens de meeste auteurs niet of nauwelijks meebewegen met het geluid. Het proefschrift van Robinson laat ook zien dat de demping van glasvezel in het laag flink toeneemt bij grotere pakkingsdichtheden, en ook bij Martin King verdwijnt de resonantie van luchtmassa met de conuscompliantie bij hogere pakkingsdichtheden.
Een en ander zou ervoor pleiten om de hoeveelheid demping in de pijp, beperkt te houden op de plaats waar de wrijvingsverliezen in het diepe laag het grootst zijn, d.w.z. aan het einde bij de mondopening.
Een en ander zou ervoor pleiten om de hoeveelheid demping in de pijp, beperkt te houden op de plaats waar de wrijvingsverliezen in het diepe laag het grootst zijn, d.w.z. aan het einde bij de mondopening.
Re: TL's nader bekeken
Dat geloof ik niet. Dat zou betekenen dat wanneer je van het transmissielijn model uitgaat van infinite small luchtdeeltjes gekoppeld door infinite small veertjes, de bewegende massa van de wol optelt bij die van de lucht. De veerkracht van de veertjes veranderen daarbij niet. En aangezien je in een lijn a la Baileys, toch al gauw 10 - 20 gram wol per liter er in stopt (bv bij de Daline) t.o.v. 1 gr/L van lucht....Tom Magchielse schreef: ↑wo 16 jul 2025, 14:57Die vermeldt dat de vezels in wol zo licht zijn, dat die bij lage frequenties meebewegen met de geluidsgolven, zodat er dan geen relatieve beweging is, en dus ook geen wrijvingsverlies.
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Het goede oude Akabak3 is ook handig bij de analyse van TL's. Daartoe is een willekeurige TL ingeprogrammeerd. De lijnlengte bedraagt 1.6 m, er is een driver in gezet met de volgende spec's
Fs=50 Hz, Vas=65 L, Mms=23.3g, Qes=0.53, Qm=2.26, D=18cm. ( zomaar een set specificaties verzonnen)
Voorlopig is nog even afgezien van demping.
Een aardige eigenschap van Akabak is dat je voor het aandrijvende membraan ( de conus) een koppeling met een echt luidspreker mechanisme kan definiëren, maar je kan ook hetzelfde membraan met een vaste snelheid laten bewegen, waardoor de eigenschappen van het membraan uit de vergelijkingen verdwijnen.
Het eerste plaatje is een opengewerkte tekening van de TL, die zoals te zien een bocht bevat, en een lichte " tapering" van 250 cm^2 naar 100 cm^2.
De grafieken laten de berekende geluidsdruk zien, eerst met constante membraansnelheid, dan met de complete luidspreker. Met constante snelheid loopt de karakteristiek met 12 dB/octaaf op; 6 dB daarvan komt voor rekening van de constante snelheid, en 6 dB berust op het oplopen van de stralingsweerstand. Er is een forse piek bij 49 Hz, die afkomstig is van de 1/4 lambda resonantie, Fl. Het membraan werkt voor de akoestiek als een harde afsluiting.
De volgende karakteristiek toont het effect met de " echte" luidspreker. Op de plaats van de 1/4 L verschijnt nu een dip, door de tegendruk die het membraan ondervindt, en er verschijnt een aantal pieken bij 3xFl, 5x Fl enz. Door de tapering liggen al deze resonanties in frequentie een beetje lager dan je verwacht.
Verder is er nu een nieuwe piek in het sublaag, bij ongeveer 7 Hz. Deze blijkt in frequentie af te hangen van de compliantie van het membraan (de conus). Ook hier zien we dus weer de sublaag piek verschijnen.
Fs=50 Hz, Vas=65 L, Mms=23.3g, Qes=0.53, Qm=2.26, D=18cm. ( zomaar een set specificaties verzonnen)
Voorlopig is nog even afgezien van demping.
Een aardige eigenschap van Akabak is dat je voor het aandrijvende membraan ( de conus) een koppeling met een echt luidspreker mechanisme kan definiëren, maar je kan ook hetzelfde membraan met een vaste snelheid laten bewegen, waardoor de eigenschappen van het membraan uit de vergelijkingen verdwijnen.
Het eerste plaatje is een opengewerkte tekening van de TL, die zoals te zien een bocht bevat, en een lichte " tapering" van 250 cm^2 naar 100 cm^2.
De grafieken laten de berekende geluidsdruk zien, eerst met constante membraansnelheid, dan met de complete luidspreker. Met constante snelheid loopt de karakteristiek met 12 dB/octaaf op; 6 dB daarvan komt voor rekening van de constante snelheid, en 6 dB berust op het oplopen van de stralingsweerstand. Er is een forse piek bij 49 Hz, die afkomstig is van de 1/4 lambda resonantie, Fl. Het membraan werkt voor de akoestiek als een harde afsluiting.
De volgende karakteristiek toont het effect met de " echte" luidspreker. Op de plaats van de 1/4 L verschijnt nu een dip, door de tegendruk die het membraan ondervindt, en er verschijnt een aantal pieken bij 3xFl, 5x Fl enz. Door de tapering liggen al deze resonanties in frequentie een beetje lager dan je verwacht.
Verder is er nu een nieuwe piek in het sublaag, bij ongeveer 7 Hz. Deze blijkt in frequentie af te hangen van de compliantie van het membraan (de conus). Ook hier zien we dus weer de sublaag piek verschijnen.
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Als ik lieg is het in commissie. Dit argument heb ik van Bradbury, blz 405 in de AES Anthology.Pjotr schreef: ↑wo 16 jul 2025, 15:27Dat geloof ik niet. Dat zou betekenen dat wanneer je van het transmissielijn model uitgaat van infinite small luchtdeeltjes gekoppeld door infinite small veertjes, de bewegende massa van de wol optelt bij die van de lucht. De veerkracht van de veertjes veranderen daarbij niet. En aangezien je in een lijn a la Baileys, toch al gauw 10 - 20 gram wol per liter er in stopt (bv bij de Daline) t.o.v. 1 gr/L van lucht....Tom Magchielse schreef: ↑wo 16 jul 2025, 14:57Die vermeldt dat de vezels in wol zo licht zijn, dat die bij lage frequenties meebewegen met de geluidsgolven, zodat er dan geen relatieve beweging is, en dus ook geen wrijvingsverlies.
- Tom Magchielse
- Berichten: 1139
- Lid geworden op: vr 16 apr 2010, 13:32
- Locatie: Borger (Dr)
Re: TL's nader bekeken
Toch bedankt. Veel van wat Fried beweert lijkt me wel te kloppen.satefan schreef: ↑do 10 jul 2025, 20:49Dit zou de correcte link moeten zijn: https://www.audiosciencereview.com/foru ... pdf.254995
Edit: De PDF is niet van al te beste kwaliteit.
