Daar ik al een tijdje met dezelfde platenspeler, arm en element speel wilde ik weer eens wat doen. Nu had ik het geluk om via via aan een Michell Technoweight te komen welke door de vorige eigenaar nooit was ingebouwd.
Het inbouwen gaat meer dan makkelijk. Ik heb de arm niet uit de tafel hoeven schroeven, nog het element hoeven uitbouwen. Naaldbeschermer op de DL103 van Denon en arm in de klem. Eerst het oude contragewicht losdraaien. Dan het moeilijkste deel: Pak de armbuis goed vast en draai deze rustig los. VOORKOM KRACHTEN OP HET LAGER!!! Dit gaat namelijk gepaart met een licht tikje doordat de kunststof 'stub' zijn inklemming in het schroefdraad van de aluminium armbuis verliest. Heb je hem niet goed vast dan wordt het lager beschadigd en dit gaat zeer snel!
Hierna moet je de nieuwe stalen 'stub' in de arm draaien. Hier geld vast is vast, dus niets forceren. aan de hand van de massa van het te gebruiken element (van de DL103 is dat 8,5 gram) moet of het grote of het kleine contragewicht aan de slede worden bevestigd. Voor de DL103 geld het grote gewicht het beste resultaat geeft. Het is namelijk zaak de massa zo dicht mogelijk bij het draaipunt van de arm te hebben.
Na het op de 'stub' hebben geschoven van de slede wordt de instelmoer geplaatst. Afstellen is een stuk eenvoudiger nu: Ieder nokje op de moer is 0,1 gram naalddruk. Natuurlijk ingesteld met de dwarskrachtcompensatie op 0 en na het in balans brengen was het dus voldoende om de vooraf gemeten naalddruk met het oude gewicht weer in te stellen door 29,4 nokjes door te draaien. Nu vind ik de naaldkracht van de DL103 met 2,94 gram heftig, maar deze blijkt ook na wat experimenteren verreweg het mooiste te klinken.
En presto: Muziek.
Tja en wat is dan het effect?
Nou die mensen die mij kennen weten dat ik nochal skeptisch ben als het over tweaken gaat. Echter deze aanpassing heeft wel degelijk een effect. Beschouwde ik het eerst als een iets ander smaakje, nu ben ik er zeker van dat de RB250 wezenlijk beter is gaan klinken. Mijn eerste indruk was dat het allemaal kaler was, leger zeg maar. Instrumenten worden kleiner en minder uitgespreid neergezet met meer lucht tussen de instrumenten. In Sara K's Destination hoor je hoe de ruimtereflectie bijdraagt aan het nummer, ze lijkt met de ruimte te spelen haast. De timing is duidelijker geworden, en niet een beetje. Veel meer microdetail en dynamiek naast een iets beter spoorgedrag. De intro op The Wall van Pink Floyd vergaat in een kakefonie van vliegtuigen, machines, overdrive op de gitaren en wat nog allemaal meer gesampled is is nu eindelijk te horen. De opening van Also sprach Zarathustra (Boston Symphony/ Steinberg op DGG) gaat diep. Masale opening met orgel. Je blijft de plaatsing scherp houden, het zwabbert niets en die sustain van de ruimte, de nagalm... Ladysmith Black Mambazo laat je het ademen "zien" en je hoort hoe de mannen staan te dansen in de studio aan het ritmisch geschuifel. Prima te herkennen als je ze ook life kent.
Al met al nog niet met de verfijning van een Orfeo met MC formula van Jan Allearts maar een behoorlijke stap voorwaarts. Het effect is voor mij net zo groot als de overgang van de DL110 naar de DL103.

