Na de voorgaande betogen van de heren de Jong en Buis heb ik nog even gemeten aan meetpunt 1. Ik heb hierbij een uitgangsimpedantie gemeten van ca. 520 Ω.
Ook een lage uitgangsimpedantie. Dit is nog niet zo gek want ik meet hier eigenlijk aan een β-follower. Om een en ander wat duidelijker te maken, heb ik de ontwikkelingsgang* van SRPP naar β-follower nog even weergegeven :
1. Als eerste de SRPP en wel de symmetrische, d.w.z. uitgang 1:
Kenmerken : redelijke lage ververvorming, zeer lage gelijkspanningsdrift, redelijk lage uitgangsimpedantie en de signaalgrootte kan behoorlijk groot zijn. Eigenlijk staat alles in het teken van het cijfer ½ bij de SRPP :
De versterking is ½ μ.
De (dynamische) steilheid is ½ S.
De gelijkspanning is bij uitgang 1 ook de helft.
De asymmetrische SRPP heeft de uitgang aan de kathode van de bovenste buis, hierdoor wordt de uitgangsimpedantie verlaagd.
2. De μ-follower of active load schakeling
Om de vervorming zo laag mogelijk te laten zijn moet de totale belastingsweerstand die de onderste buis ziet (dus de bovenste buis, inclusief de kathodeweerstand) zo groot mogelijk zijn, idealiter nadert de weerstand tot oneindig. Dit is het geval bij een ideale stroombron en de versterking is dan maximaal en gelijk aan de μ van de buis (vandaar de naam μ-follower)
De impedantie die de onderste buis “ziet” is gelijk aan ri + (μ+1)*rk van de bovenste buis. Je zou dus als bovenste buis er een kunnen nemen met een hoge versterkingsfactor (μ) maar het effect is beperkt. Meer kan bereikt worden als de kathodeweerstand fors verhoogd wordt. Dit kan niet ongestraft, want daarmee wordt de Vgk ook groter en de buis wordt enorm afgeknepen. Men heeft de dus zoals in het plaatje de kathode weerstand gesplitst en een condensator toegevoegd. De uitgangsimpedantie van de schakeling is ook verlaagd omdat de bovenste buis als een (imperfecte!) kathodevolger werkt.
3. De β-follower
De μ-follower had toch nog wel een aantal nadelen. De voedingsspanning moest flink omhoog en er werd een condensator toegevoegd.
Er is dus gekeken naar en andere wijze waarop de Rk van de bovenste buis vergroot kon worden zonder deze behoeven op te splitsen.
Een antwoord werd gevonden in een stroombron-achtige schakeling met een halfgeleider. De impedantie van deze halfgeleiderschakeling is ruwweg Hfe * Re.
Vandaar de naam β-follower. Wel is zaak om een transistor te nemen met een grote Hfe zodat de basisstroom laag en de weerstand Rb hoog kan blijven (deze staat voor wisselstroom immers parallel aan de transistor).
De schakeling kan ook uitgevoerd worden met een fet. Dit is iets simpeler en de impedantie is iets lager.
Een bijkomend voordeel van de β-follower is dat de uitgangsimpedantie vrijwel gelijk is aan die van de kathodevolger
Het aardige is nu dat de schakeling waar ik een gemeten heb – een buis en twee Fet’s – overeenkomt met de Fet variant van de β-follower. De dimensionering en de Fet keuze zou dan weliswaar wat anders zijn, want de Vds van de onderste Fet is eigenlijk te klein, maar toch..
De gemeten uitgangsimpedantie van 520 Ω is dan ook geen verrassing.
Groet,
Aat
De ontwikkelingsgang is niet chronologisch. De μ-follower is (enigszins vreemd!?) eerder beschreven dan de SRPP,