Zoveel mogelijk dempen is inderdaad ongewenst. Iets wat vaak vergeten wordt is dat reflecties ook een reeds aanwezige kleuring (bijv. de stereo-crosstalkdip) kunnen verminderen. Martijn gaf aan dat hij wel een positieve indruk had van een ruimte met veel diffusie. Direct-reverberant ratio is trouwens een belangrijke factor voor de suggestie van afstand in ruimtes. Daarom klinken directionele speakers vaak "in your face", wat soms ook wel heel plastisch kan zijn trouwens. Met klassiek vind ik het minder prettig.markbakk schreef:Maar daar gaat het me niet zo om. Mijn idee is: áls je weet dat eerste (en vroege) reflecties bijdragen aan 'localization' (dank je Ronkel voor het aandragen van Bech's onderzoek), hoe moet je dan met die reflecties omgaan wanneer je een omgeving wil creëren die niet alleen op niveau-, timbre- en faseverschillen, maar ook op looptijdverschillen ruimtelijke informatie kan behouden? Waarbij het precedence effect dus een nog onvoldoende onderzochte rol speelt. Zoveel mogelijk dempen is een botte-bijlmethode en misschien overbodig. Ben (en veel van zijn collega's) geeft aan dat een goede diffusor voldoende is. Ik haal ook nog even de experimenten alhier met dempers in herinnering van onder meer Jeroen en Martijn. Wat vinden jullie?
Wat betreft ruimtelijke informatie behouden is stereo een lastige. Reflecties en galm die met "normale" microfoons worden opgenomen hebben niet de head shadowing (en bijbehorende lage IACC) die je in de live situatie hebt. Ze komen bij playback vervolgens doodleuk uit twee speakers, waardoor je alle galm ineens veel harder hoort omdat je het er moeilijker uit filtert. De beste optie voor stereo-opname is daarom m.i. een sphere microfoon. Daarmee behoud je een deel van de natuurlijke ruimtelijke cues, maar heb je niet het probleem dat je naar de HRTFs van een dummy-hoofd zit te luisteren. Wil je meer, dan zul je simpelweg aan surround moeten.
